beroven
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb1
Vertaling
beroven
Uitspraak: /bəˈroː.və(n)/
Voorbeeld
De dieven probeerden de bank te beroven.
Vervoeging
| ik | beroof |
| jij | berooft |
| hij | berooft |
| wij | beroven |
| jullie | beroven |
| zij | beroven |
Verleden tijd
beroofde / beroofden
Voltooid deelwoord
hebbenberoofd
Gebiedende wijs
beroof
Voorwaardelijke wijs
zou beroven
Toekomende tijd
zal beroven