beschuldigen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb2
Vertaling
beschuldigen
Uitspraak: /bəˈsxʏl.də.ɣə(n)/
Voorbeeld
Hij werd onterecht van diefstal beschuldigd.
Vervoeging
| ik | beschuldig |
| jij | beschuldigt |
| hij | beschuldigt |
| wij | beschuldigen |
| jullie | beschuldigen |
| zij | beschuldigen |
Verleden tijd
beschuldigde / beschuldigden
Voltooid deelwoord
hebbenbeschuldigd
Gebiedende wijs
beschuldig
Voorwaardelijke wijs
zou beschuldigen
Toekomende tijd
zal beschuldigen