bidden

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoordb1
Vertaling
bidden
Uitspraak: /ˈbɪdən/
Voorbeeld
Hij bidt elke avond voor het slapen gaan.
Vervoeging
ikbid
jijbidt
hijbidt
wijbidden
julliebidden
zijbidden
Verleden tijd
bad / baden
Voltooid deelwoord
hebbengebeden
Gebiedende wijs
bid
Voorwaardelijke wijs
zou bidden
Toekomende tijd
zal bidden