binnenbreken
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda1
Vertaling
break in
Uitspraak: /ˈbɪ.nə(n).ˌbreː.kə(n)/
Voorbeeld
De dief probeerde het huis binnen te breken.
Vervoeging
| ik | breek binnen |
| jij | breekt binnen |
| hij | breekt binnen |
| wij | binnenbreken |
| jullie | binnenbreken |
| zij | binnenbreken |
Verleden tijd
brekte / brekten
Voltooid deelwoord
hebbengebinnenbrekt
Gebiedende wijs
brek
Voorwaardelijke wijs
zou binnenbreken
Toekomende tijd
zal binnenbreken
Scheidbaar werkwoord