binnenrijden
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda1
Vertaling
to drive inside
Uitspraak: /ˈbɪ.nə(n)ˌrɛi.də(n)/
Voorbeeld
Hij zag de auto het terrein binnenrijden.
Vervoeging
| ik | rij binnen |
| jij | rijdt binnen |
| hij | rijdt binnen |
| wij | binnenrijden |
| jullie | binnenrijden |
| zij | binnenrijden |
Verleden tijd
rijdde / rijdden
Voltooid deelwoord
hebbengebinnenrijdd
Gebiedende wijs
rijd
Voorwaardelijke wijs
zou binnenrijden
Toekomende tijd
zal binnenrijden
Scheidbaar werkwoord