biscuit
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
zelfstandig naamwoorda2
het
Vertaling
biscuit
Uitspraak: /ˈbɪs.kʋit/
Voorbeeld
Hij at een biscuit bij zijn thee.
Meervoud
biscuits