boeken
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda1
Vertaling
book
Uitspraak: /ˈbukə(n)/
Voorbeeld
We moeten snel een hotel boeken voor de vakantie.
Vervoeging
| ik | boek |
| jij | boekt |
| hij | boekt |
| wij | boeken |
| jullie | boeken |
| zij | boeken |
Verleden tijd
boekte / boekten
Voltooid deelwoord
hebbengeboekt
Gebiedende wijs
boek
Voorwaardelijke wijs
zou boeken
Toekomende tijd
zal boeken