bufferen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda1
Vertaling
buffer
Uitspraak: /ˈbʏfər/
Voorbeeld
De video moet even bufferen voordat hij verder gaat.
Vervoeging
| ik | buffer |
| jij | buffert |
| hij | buffert |
| wij | bufferen |
| jullie | bufferen |
| zij | bufferen |
Verleden tijd
bufferde / bufferden
Voltooid deelwoord
hebbengebufferd
Gebiedende wijs
buffer
Voorwaardelijke wijs
zou buffer
Toekomende tijd
zal buffer