circus
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
zelfstandig naamwoorda2
het
Vertaling
circus
Uitspraak: /ˈsɪrkʏs/
Voorbeeld
Het circus komt naar de stad.
Meervoud
circussen
Verkleinwoord
circusje