controleren
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb1
Vertaling
controleren
Uitspraak: /kɔnˈtroːleːrə(n)/
Voorbeeld
Kun je de documenten controleren?
Vervoeging
| ik | controleer |
| jij | controleert |
| hij | controleert |
| wij | controleren |
| jullie | controleren |
| zij | controleren |
Verleden tijd
controleerde / controleerden
Voltooid deelwoord
hebbengecontroleerd
Gebiedende wijs
controleer
Voorwaardelijke wijs
zou controleren
Toekomende tijd
zal controleren