crisis
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
zelfstandig naamwoordb1
de
Vertaling
crisis
Uitspraak: /ˈkriːzɪs/
Voorbeeld
De economische crisis had grote gevolgen.
Meervoud
crises
Verkleinwoord
crisistje