delen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda1
Vertaling
to share
Uitspraak: /ˈdeːlən/
Voorbeeld
Zij willen de taart met iedereen delen.
Vervoeging
ikdeel
jijdeelt
hijdeelt
wijdelen
julliedelen
zijdelen
Verleden tijd
delde / delden
Voltooid deelwoord
hebbengedeld
Gebiedende wijs
del
Voorwaardelijke wijs
zou delen
Toekomende tijd
zal delen