dicht

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

bijvoeglijk naamwoorda1
Vertaling
dicht
Uitspraak: /dɪxt/
Voorbeeld
De winkel is op zondag dicht.
Vergrotende trap
dichter
Overtreffende trap
dichtst
bijwoorda1
Vertaling
dicht
Uitspraak: /dɪxt/
Voorbeeld
De winkel is dicht.