doorspreken

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda1
Vertaling
to discuss thoroughly
Uitspraak: /ˈdoːrˌspreː.kə(n)/
Voorbeeld
Laten we het plan morgen doorspreken.
Vervoeging
ikspreek door
jijspreekt door
hijspreekt door
wijdoorspreken
julliedoorspreken
zijdoorspreken
Verleden tijd
sprekte / sprekten
Voltooid deelwoord
hebbengedoorsprekt
Gebiedende wijs
sprek
Voorwaardelijke wijs
zou doorspreken
Toekomende tijd
zal doorspreken
Scheidbaar werkwoord