doorvertellen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda1
Vertaling
pass on
Uitspraak: /ˈdoːr.vərˌtɛ.lə(n)/
Voorbeeld
Je mag dit geheim niet doorvertellen.
Vervoeging
ikvertel door
jijvertelt door
hijvertelt door
wijdoorvertellen
julliedoorvertellen
zijdoorvertellen
Verleden tijd
vertellde / vertellden
Voltooid deelwoord
hebbengedoorvertelld
Gebiedende wijs
vertell
Voorwaardelijke wijs
zou doorvertellen
Toekomende tijd
zal doorvertellen
Scheidbaar werkwoord