doorvoeren

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda1
Vertaling
implement
Uitspraak: /ˈdoːrˌvuːrə(n)/
Voorbeeld
We moeten deze veranderingen doorvoeren.
Vervoeging
ikvoer door
jijvoert door
hijvoert door
wijdoorvoeren
julliedoorvoeren
zijdoorvoeren
Verleden tijd
voerde / voerden
Voltooid deelwoord
hebbengedoorvoerd
Gebiedende wijs
voer
Voorwaardelijke wijs
zou doorvoeren
Toekomende tijd
zal doorvoeren
Scheidbaar werkwoord