drijven
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb1
Vertaling
drijven
Uitspraak: /ˈdrɛi̯və(n)/
Voorbeeld
Hout kan op water drijven.
Vervoeging
| ik | drijf |
| jij | drijft |
| hij | drijft |
| wij | drijven |
| jullie | drijven |
| zij | drijven |
Verleden tijd
dreef / dreven
Voltooid deelwoord
hebben/zijngedreven
Gebiedende wijs
drijf
Voorwaardelijke wijs
zou drijven
Toekomende tijd
zal drijven