glijden
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda1
Vertaling
to slide
Uitspraak: /ˈɣlɛi̯.də(n)/
Voorbeeld
De kinderen glijden van de glijbaan.
Vervoeging
| ik | glijd |
| jij | glijdt |
| hij | glijdt |
| wij | glijden |
| jullie | glijden |
| zij | glijden |
Verleden tijd
gleed / gleden
Voltooid deelwoord
hebben/zijngegleden
Gebiedende wijs
glijd
Voorwaardelijke wijs
zou glijden
Toekomende tijd
zal glijden