handschoen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

zelfstandig naamwoorda2
de
Vertaling
handschoen
Uitspraak: /ˈɦɑnt.sxun/
Voorbeeld
Hij droeg een handschoen aan zijn rechterhand.
Meervoud
handschoenen
Verkleinwoord
handschoentje