huilen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda2
Vertaling
huilen
Uitspraak: /ˈɦœy̯.lə(n)/
Voorbeeld
Het kind begon te huilen toen het zijn speelgoed verloor.
Vervoeging
| ik | huil |
| jij | huilt |
| hij | huilt |
| wij | huilen |
| jullie | huilen |
| zij | huilen |
Verleden tijd
huilde / huilden
Voltooid deelwoord
hebbengehuild
Gebiedende wijs
huil
Voorwaardelijke wijs
zou huilen
Toekomende tijd
zal huilen