ingroeien
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda1
Vertaling
to grow into
Uitspraak: /ˈɪn.ɣruː.jə(n)/
Voorbeeld
De nagel begint in de huid in te groeien.
Vervoeging
| ik | ingroei |
| jij | ingroeit |
| hij | ingroeit |
| wij | ingroeien |
| jullie | ingroeien |
| zij | ingroeien |
Verleden tijd
groeide / groeiden
Voltooid deelwoord
hebbengeingroeid
Gebiedende wijs
groei
Voorwaardelijke wijs
zou ingroeien
Toekomende tijd
zal ingroeien
Scheidbaar werkwoord