inhuren
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda1
Vertaling
hire
Uitspraak: /ˈɪnˌhyrə(n)/
Voorbeeld
We moeten een nieuwe medewerker inhuren.
Vervoeging
| ik | huur in |
| jij | huurt in |
| hij | huurt in |
| wij | inhuren |
| jullie | inhuren |
| zij | inhuren |
Verleden tijd
hurde / hurden
Voltooid deelwoord
hebbengeinhurd
Gebiedende wijs
hur
Voorwaardelijke wijs
zou inhuren
Toekomende tijd
zal inhuren
Scheidbaar werkwoord