jasje
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
zelfstandig naamwoorda1
het
Vertaling
jasje
Uitspraak: /ˈjɑ.sjə/
Voorbeeld
Hij droeg een blauw jasje naar het feest.
Meervoud
jasjes
Verkleinwoord
jasje