klaar
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
bijvoeglijk naamwoorda1
Vertaling
klaar
Uitspraak: /klaːr/
Voorbeeld
Ik ben klaar met mijn huiswerk.
Vergrotende trap
klaarder
Overtreffende trap
klaarst
bijwoorda1
Vertaling
klaar
Uitspraak: /klaːr/
Voorbeeld
Ik ben klaar met mijn werk.