kosten
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda2
Vertaling
kosten
Uitspraak: /ˈkɔstə(n)/
Voorbeeld
Hoeveel zal het kosten om de auto te repareren?
Vervoeging
| ik | kost |
| jij | kost |
| hij | kost |
| wij | kosten |
| jullie | kosten |
| zij | kosten |
Verleden tijd
kostte / kostten
Voltooid deelwoord
hebbengekost
Gebiedende wijs
kost
Voorwaardelijke wijs
zou kosten
Toekomende tijd
zal kosten
zelfstandig naamwoorda1
Vertaling
kosten
Uitspraak: /ˈkɔs.tə(n)/
Voorbeeld
De kosten voor de reis zijn hoog.