krijgen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda2
Vertaling
krijgen
Uitspraak: /ˈkrɛi̯ɣə(n)/
Voorbeeld
Ik hoop een cadeau te krijgen.
Vervoeging
| ik | krijg |
| jij | krijgt |
| hij | krijgt |
| wij | krijgen |
| jullie | krijgen |
| zij | krijgen |
Verleden tijd
kreeg / kregen
Voltooid deelwoord
hebbengekregen
Gebiedende wijs
krijg
Voorwaardelijke wijs
zou krijgen
Toekomende tijd
zal krijgen