krimpen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda1
Vertaling
to shrink
Uitspraak: /ˈkrɪm.pə(n)/
Voorbeeld
De trui is gekrompen in de was.
Vervoeging
| ik | krimp |
| jij | krimpt |
| hij | krimpt |
| wij | krimpen |
| jullie | krimpen |
| zij | krimpen |
Verleden tijd
kromp / krompen
Voltooid deelwoord
hebben/zijngekrompen
Gebiedende wijs
krimp
Voorwaardelijke wijs
zou krimpen
Toekomende tijd
zal krimpen