laag

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

zelfstandig naamwoordb1
de
Vertaling
laag
Uitspraak: /laːx/
Voorbeeld
De taart heeft een dikke laag chocolade.
Meervoud
lagen
Verkleinwoord
laagje
bijvoeglijk naamwoorda1
Vertaling
laag
Uitspraak: /laːx/
Voorbeeld
De tafel is erg laag.