lijden
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb1
Vertaling
to suffer
Uitspraak: /ˈlɛi̯də(n)/
Voorbeeld
Hij lijdt aan een zeldzame ziekte.
Vervoeging
| ik | lijd |
| jij | lijdt |
| hij | lijdt |
| wij | lijden |
| jullie | lijden |
| zij | lijden |
Verleden tijd
leed / leden
Voltooid deelwoord
hebbengeleden
Gebiedende wijs
lijd
Voorwaardelijke wijs
zou lijden
Toekomende tijd
zal lijden