meedoen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda2
Vertaling
deelnemen
Uitspraak: /ˈmeː.duːn/
Voorbeeld
Wil je meedoen met het spel?
Vervoeging
ikdoe mee
jijdoet mee
hijdoet mee
wijdoen mee
julliedoen mee
zijdoen mee
Verleden tijd
deed mee / deden mee
Voltooid deelwoord
hebbenmeegedaan
Gebiedende wijs
doe mee
Voorwaardelijke wijs
zou meedoen
Toekomende tijd
zal meedoen
Scheidbaar werkwoord