naast

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

voorzetsela1
Vertaling
naast
Uitspraak: /naːst/
Voorbeeld
Hij zit naast mij.
bijwoorda1
Vertaling
naast
Uitspraak: /naːst/
Voorbeeld
Hij woont naast de supermarkt.