nabetalen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb1
Vertaling
pay afterwards
Uitspraak: /ˈnaː.bəˌtaː.lə(n)/
Voorbeeld
Je moet het resterende bedrag nabetalen.
Vervoeging
| ik | nabetal |
| jij | nabetalt |
| hij | nabetalt |
| wij | nabetalen |
| jullie | nabetalen |
| zij | nabetalen |
Verleden tijd
nabetalde / nabetalden
Voltooid deelwoord
hebbengenabetald
Gebiedende wijs
nabetal
Voorwaardelijke wijs
zou nabetalen
Toekomende tijd
zal nabetalen
Scheidbaar werkwoord