naregelen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoordb2
Vertaling
arrange afterwards
Uitspraak: /ˈnaː.reː.ɣə.lə(n)/
Voorbeeld
Ik moet nog wat zaken naregelen na de vergadering.
Vervoeging
iknaregel
jijnaregelt
hijnaregelt
wijnaregelen
jullienaregelen
zijnaregelen
Verleden tijd
naregelde / naregelden
Voltooid deelwoord
hebbengenaregeld
Gebiedende wijs
naregel
Voorwaardelijke wijs
zou naregelen
Toekomende tijd
zal naregelen
Scheidbaar werkwoord