navertellen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoordb1
Vertaling
retell
Uitspraak: /ˈnaː.vərˌtɛ.lə(n)/
Voorbeeld
Kun je het verhaal nog eens navertellen?
Vervoeging
iknavertel
jijnavertelt
hijnavertelt
wijnavertellen
jullienavertellen
zijnavertellen
Verleden tijd
navertellde / navertellden
Voltooid deelwoord
hebbengenavertelld
Gebiedende wijs
navertell
Voorwaardelijke wijs
zou navertellen
Toekomende tijd
zal navertellen
Scheidbaar werkwoord