noteren

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoordb1
Vertaling
to note
Uitspraak: /noˈteːrə(n)/
Voorbeeld
Zorg ervoor dat je de afspraak noteert.
Vervoeging
iknoteer
jijnoteert
hijnoteert
wijnoteren
jullienoteren
zijnoteren
Verleden tijd
noterde / noterden
Voltooid deelwoord
hebbengenoterd
Gebiedende wijs
noter
Voorwaardelijke wijs
zou noteren
Toekomende tijd
zal noteren