onderbreken

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoordb1
Vertaling
interrupt
Uitspraak: /ˈɔn.dərˌbreː.kə(n)/
Voorbeeld
Het is niet beleefd om iemand te onderbreken.
Vervoeging
ikonderbreek
jijonderbreekt
hijonderbreekt
wijonderbreken
jullieonderbreken
zijonderbreken
Verleden tijd
brekte / brekten
Voltooid deelwoord
hebbengeonderbrekt
Gebiedende wijs
brek
Voorwaardelijke wijs
zou onderbreken
Toekomende tijd
zal onderbreken
Scheidbaar werkwoord