opbrengen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb2
Vertaling
yield
Uitspraak: /ˈɔp.brɛŋə(n)/
Voorbeeld
Hij kon de moed niet opbrengen om het te zeggen.
Vervoeging
| ik | opbreng |
| jij | opbrengt |
| hij | opbrengt |
| wij | opbrengen |
| jullie | opbrengen |
| zij | opbrengen |
Verleden tijd
brengde / brengden
Voltooid deelwoord
hebbengeopbrengd
Gebiedende wijs
breng
Voorwaardelijke wijs
zou opbrengen
Toekomende tijd
zal opbrengen
Scheidbaar werkwoord