opgeven
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb1
Vertaling
opgeven
Uitspraak: /ˈɔpˌɣeː.və(n)/
Voorbeeld
Hij wil niet opgeven, zelfs als het moeilijk wordt.
Vervoeging
| ik | geef op |
| jij | geeft op |
| hij | geeft op |
| wij | opgeven |
| jullie | opgeven |
| zij | opgeven |
Verleden tijd
gaf op / gaven op
Voltooid deelwoord
hebbenopgegeven
Gebiedende wijs
geef op
Voorwaardelijke wijs
zou opgeven
Toekomende tijd
zal opgeven
Scheidbaar werkwoord