opgroeien

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoordb1
Vertaling
grow up
Uitspraak: /ˈɔpˌxrui̯ə(n)/
Voorbeeld
Kinderen groeien snel op.
Vervoeging
ikgroei op
jijgroeit op
hijgroeit op
wijgroeien op
julliegroeien op
zijgroeien op
Verleden tijd
groeide / groeiden
Voltooid deelwoord
hebbengeopgroeid
Gebiedende wijs
groei
Voorwaardelijke wijs
zou opgroeien
Toekomende tijd
zal opgroeien
Scheidbaar werkwoord