opstoppen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb2
Vertaling
to stuff
Uitspraak: /ˈɔp.stɔ.pə(n)/
Voorbeeld
Hij probeerde de lekkage met een doek op te stoppen.
Vervoeging
| ik | opstop |
| jij | opstopt |
| hij | opstopt |
| wij | opstoppen |
| jullie | opstoppen |
| zij | opstoppen |
Verleden tijd
stoppte / stoppten
Voltooid deelwoord
hebbengeopstoppt
Gebiedende wijs
stopp
Voorwaardelijke wijs
zou opstoppen
Toekomende tijd
zal opstoppen
Scheidbaar werkwoord