overbeoordelen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoordb2
Vertaling
to overjudge
Uitspraak: /ˌoːvərbəˈoːrdələ(n)/
Voorbeeld
Het is niet goed om iemand te overbeoordelen op basis van een eerste indruk.
Vervoeging
ikoverbeoordeel
jijoverbeoordeelt
hijoverbeoordeelt
wijoverbeoordelen
jullieoverbeoordelen
zijoverbeoordelen
Verleden tijd
beoordelde / beoordelden
Voltooid deelwoord
hebbengeoverbeoordeld
Gebiedende wijs
beoordel
Voorwaardelijke wijs
zou overbeoordelen
Toekomende tijd
zal overbeoordelen
Scheidbaar werkwoord