overhoren

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoordb1
Vertaling
quiz
Uitspraak: /ˌoː.vərˈɦoː.rə(n)/
Voorbeeld
De leraar gaat de leerlingen overhoren voor de toets.
Vervoeging
ikoverhoor
jijoverhoort
hijoverhoort
wijoverhoren
jullieoverhoren
zijoverhoren
Verleden tijd
horde / horden
Voltooid deelwoord
hebbengeoverhord
Gebiedende wijs
hor
Voorwaardelijke wijs
zou overhoren
Toekomende tijd
zal overhoren
Scheidbaar werkwoord