pakken
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda1
Vertaling
pakken
Uitspraak: /ˈpɑ.kə(n)/
Voorbeeld
Hij gaat zijn tas pakken.
Vervoeging
| ik | pak |
| jij | pakt |
| hij | pakt |
| wij | pakken |
| jullie | pakken |
| zij | pakken |
Verleden tijd
pakte / pakten
Voltooid deelwoord
hebbengepakt
Gebiedende wijs
pak
Voorwaardelijke wijs
zou pakken
Toekomende tijd
zal pakken