parka
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
zelfstandig naamwoordb1
de
Vertaling
parka
Uitspraak: /ˈpɑr.ka/
Voorbeeld
Hij droeg een warme parka tijdens de winterwandeling.
Meervoud
parka's