patiënt
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
zelfstandig naamwoorda2
de
Vertaling
patiënt
Uitspraak: /pɑˈʃɛnt/
Voorbeeld
De patiënt wacht op de dokter.
Meervoud
patiënten
Verkleinwoord
patiëntje