pikken
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb1
Vertaling
pick
Uitspraak: /ˈpɪ.kən/
Voorbeeld
De vogels pikken de zaden van de grond.
Vervoeging
| ik | pik |
| jij | pikt |
| hij | pikt |
| wij | pikken |
| jullie | pikken |
| zij | pikken |
Verleden tijd
pikkte / pikkten
Voltooid deelwoord
hebbengepikkt
Gebiedende wijs
pikk
Voorwaardelijke wijs
zou pikken
Toekomende tijd
zal pikken