richten
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb1
Vertaling
richten
Uitspraak: /ˈrɪxtə(n)/
Voorbeeld
Hij probeert zijn aandacht te richten op het werk.
Vervoeging
| ik | richt |
| jij | richt |
| hij | richt |
| wij | richten |
| jullie | richten |
| zij | richten |
Verleden tijd
richtte / richtten
Voltooid deelwoord
hebbengericht
Gebiedende wijs
richt
Voorwaardelijke wijs
zou richten
Toekomende tijd
zal richten