ruiken

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda2
Vertaling
ruiken
Uitspraak: /ˈrœykə(n)/
Voorbeeld
De bloemen ruiken heerlijk.
Vervoeging
ikruik
jijruikt
hijruikt
wijruiken
jullieruiken
zijruiken
Verleden tijd
rook / roken
Voltooid deelwoord
hebbengeroken
Gebiedende wijs
ruik
Voorwaardelijke wijs
zou ruiken
Toekomende tijd
zal ruiken