ruimen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoordb1
Vertaling
to clear
Uitspraak: /ˈrœy̯.mə(n)/
Voorbeeld
Kun je de tafel afruimen na het eten?
Vervoeging
ikruim
jijruimt
hijruimt
wijruimen
jullieruimen
zijruimen
Verleden tijd
ruimde / ruimden
Voltooid deelwoord
hebbengeruimd
Gebiedende wijs
ruim
Voorwaardelijke wijs
zou ruimen
Toekomende tijd
zal ruimen