samenbevestigen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb2
Vertaling
to confirm together
Uitspraak: /ˈsaːmənbəˌvɛstəɣə(n)/
Voorbeeld
We moeten de afspraak samen bevestigen.
Vervoeging
| ik | samenbevestig |
| jij | samenbevestigt |
| hij | samenbevestigt |
| wij | samenbevestigen |
| jullie | samenbevestigen |
| zij | samenbevestigen |
Verleden tijd
samenbevestigde / samenbevestigden
Voltooid deelwoord
hebbengesamenbevestigd
Gebiedende wijs
samenbevestig
Voorwaardelijke wijs
zou samenbevestigen
Toekomende tijd
zal samenbevestigen
Scheidbaar werkwoord